N I E U W E   B E Z E M S
nummer 4, wintermaand 2000
 
 

Drugs, terrorisme en pedofilie

het wonderbaarlijke leven van Dr. Frank van Ree

Er is de laatste jaren veel te doen geweest over pedofilie in Nederland, en terecht. Sinds er werkgroepen bij justitie zijn ingesteld en zogenaamde “cybercops” over het internet speuren naar kinderporno regent het aanklachten tegen leraren op Christelijke scholen, leiding van internaten en scoutingroepen etc etc. En dan zijn er natuurlijk de onderzoeken naar “wetenschappelijk” gebruik van kinderporno met name door de Dr. Edward Brongersmastichting en in mindere mate de Dr. Frits Bernardstichting. In het geval van de eerste, opgezet door oud-PvdA-senator Brongersma, heeft justitie besloten niet tot vervolging over te gaan alhoewel er duidelijk sprake was van de aanwezigheid van kinderporno. In beide stichtingen is dezelfde man adviseur/bestuurslid geweest, een man die ook veelvuldig voor pedofielen in de bres springt en in krantenstukken pleit voor een stop op de “heksenjacht op pedofielen”. Wie is deze Dr. Frank van Ree, zelfbenoemd verzetsheld, die het zo goed voor heeft met pedofielen en van zichzelf zegt: “”Ik heet geen Jezus van Ree, maar heb het mijne bijgedragen.”? (1).

Dr. Frank van Ree, °1927, is voormalig psychiater en werkt tegenwoordig slechts voor “vrienden” als psychotherapeut. Hij werd bekend als de eerste psychiater die op grote schaal LSD toepaste in zijn onderzoek naar schizofrenie en trauma’s bij kampslachtoffers en kreeg daar de naam drugs-goeroe van. Hij experimenteerde op grote schaal (o.a. door zelfgebruik en het geven van feesten voor kennissen) met allerhande halucinerende middelen zonder zelf goed te weten wat de werking was. Hierdoor werd hij beroemd, maar ook zeer omstreden onder vakgenoten. “Van de 42 proefpersonen die ik in 1957 en 1958 LSD heb gegeven, zijn er dan ook zeker twintig geflipt”(2). Zijn experimenten vormden bovendien de grondslag voor zijn promotie en werd destijds door progressief Nederland als baanbrekend omschreven terwijl collega’s van Van Ree terecht op de gevaren wezen van het slechte stuk. Van Ree zo’n 30 jaar later hierover; “Ik ben er doctor mee geworden, maar achteraf denk ik dat er van dat hele proefschrift van mij geen sodemieter klopte. Ik liet ze gewoon flippen.” (3). De jaren zestig zijn een geweldige tijd voor dit soort “onderzoekers” en Van Ree ziet helemaal uit naar de jaren ’70.

In de zeventiger jaren vindt Van Ree een nieuw werkterrein. Hij blijft aktief in de psychiatrie, maar omdat “iedereen” onder invloed van verdovende middelen de gekste dingen uitkraamt wordt het tijd voor wat anders, de behandeling van de “patiënten”. Hij ageert tegen het gebruik van elektro-shock en isoleercellen en vindt een groeiende groep geesteszieken aan zijn kant. Persoonlijk krijgt hij een psychische klap wanneer de vrouw, waarmee hij en zijn vrouw Nelly Bernard een driehoeksverhouding zijn begonnen in 1976, tijdens een mysterieus ongeluk in de Alpen dodelijk verongelukt.
Eind jaren zeventig begint een nieuwe fase in het leven van Van Ree wanneer hij vertrouwensarts wordt van de drie wegens moord op een Nederlandse politieagent in ons land gevangen zittende RAF-leden; “De fijngevoelige idealist Gert Schneider van christelijke huize, de gedreven Christof Wackernagel die het Duitse verzet van zijn ouders wilde voortzetten en de onverzettelijke marxist Knut Folkerts”. (4) Gedurende 1977 en 1978 bezoekt hij bijna dagelijks de linkse terroristen en bepleit hun zaak in de (inter)nationale pers. Een opzienbarend feit voor een man die nooit lid was van een partij, nog ooit op politieke ideeën kon worden betrapt. In december 1999 brengt Van Ree zijn herinneringen aan zijn tijd met de drie uit onder de titel “Vrijheidsstrijd, verzet, terrorisme, Verslag van een RAF vertrouwensarts”. (5)

In de jaren ’80 voltrekt zich een nieuwe fase in het leven van “de goede dokter”. Na een behoorlijke depressie besluit hij open kaart te spelen over zijn fantastische verzetsverleden en zijn enorme prestaties als bergbeklimmer. Jarenlang mocht hij opscheppen over de Duitse vrachtwagen die hij met een handgranaat in vlammen had doen opgaan en het feit dat hij drie Duitse soldaten had gedood, maar ook dat hij de Matherhorn had beklommen. Tijdens een tentoonstelling, in het bijzijn van vrouw en zijn twee zoons, biecht hij op dat het allemaal verzinsels zijn. Een van zijn zoons zei hier later over; “Je was onze held, onze geweldenaar en dan ga je op een avond waar anderen bijzitten vertellen wat voor een charlatan je bent”. (6)
Ondertussen is Van Ree in bijhoorlijk troebel water geraakt. Op verzoek van zijn zwager, de Rotterdamse psycholoog dr. Frits Bernard, neemt hij zitting in de naar hem vernoemde stichting, twee jaar later zal hij ook lid worden van het bestuur van de Brongersmastichting. Hij behandelt dan al een tijdje veroordeelde pedofielen en staat goed aangeschreven onder hen. Hij ontpopt zich als een warm voorstander van het “wetenschappelijk onderzoek“ naar de liefde van volwassen en kinderen. En wie zouden dat beter kunnen doen dan zijn zwager Bernard en zijn medebestuurslid Brongersma, zij zijn tenslotte “ervaringsdeskundigen” zoals dat in wetenschappelijke kringen zo mooi heet. Als je de lijst van bestuursleden van de Brongersmastichting bekijkt zou je denken dat er geen arts meer te vertrouwen is; voorzitter Frits Wafelbakker is arts en seksuoloog, secretaris/penningmeester Cees Straver is seksuoloog en advocaat (altijd handig), bestuurslid Peter van Eeten is socioloog en voormalig voorzitter en executeur testamentair van Brongersma, Lex van Naerssen, de man die zijn mond voorbij praatte waardoor er verhalen over grote hoeveelheden kinderporno in de ‘bibliotheek’ van de Brongersmastichting in de pers verschenen, is klinisch psycholoog.

Gedurende de jaren negentig begint het vrijgevochten denken over “jongensliefde” zoals Dr. Edward Brongersma de titel van zijn standaardwerk uit 1987/1993over kinderverkrachting noemt in normalere perspectieven te komen. De generatie van ’68 is op het pluche gekomen of heeft zich verrijkt als deskundige, beursgoeroe of anderszins neo-kapitalist en het wordt tijd om de bezem door de stallen te halen. Pedofilie gaat grotendeels terug waar het hoort, in de riolen van liberaal Nederland, met uitzondering van Frank van Ree. Blijkbaar ziet hij het “laatste taboe” als een manier om vanuit zijn riante Bennebroekse huis zijn rebelse ideeën over Nederland uit te strooien. Hij heeft overigens een handlanger gevonden in de persoon van Hans Visser, voorheen vooral bekend als “de drugsdominee” van de Rotterdamse Pauluskerk en Perron 0 en in 1994 kandidaat voor GroenLinks voor de verkiezingen van het Europees parlement. Drugs en pedofilie, daar maak je vrienden mee moeten de twee gedacht hebben. In tientallen ingezonden stukken bepleit Van Ree een humanere manier van omgang met pedofielen en een genuanceerder beeld in de pers. “Waar het over seks van en met kinderen gaat, worden allerlei oriëntaties op één hoop gegooid en herhaaldelijk verbonden met geweld, mishandeling en andere misdrijven.” (7) Van Ree vergeet, willens en wetens, dat seks van ouderen met kinderen altijd uitgaat van een ongelijke situatie, van druk en onderdrukking, van valse vriendschap en heel vaak , bijna altijd van enige vorm van geestelijk geweld.

Frank van Ree, bepleiter van drugsgebruik, politiek geweld, en pedofilie, een oude gek of een gevaarlijk “wetenschapper”?

IN ‘84

Noten:

(1) In het radioprogramma “Boven het dal” van de Humanistische Omroep, 29-4-‘98
(2) De Groene Amsterdammer, 28-5-’97
(3) idem
(4) Promotietekst Vrijheidsstrijd, verzet, terrorisme, Verslag van een RAF vertrouwensarts
(5) Swets & Zeitlinger, Lisse (ISBN 90 265 1590)
(6) Trouw, 7 oktober 2000
(7) Trouw, 5 augustus 2000

 
 

Iedereen mag NB kopieëren en verspreiden. Wintermaand 2000
Motocross | Credit Card Processor Northern Marianas Islands | Miniblinds | Jewelry Directory | Realtor Monmouth NJ