|
Nationalisme en geweld
“De verschijnselen racistisch en extreem-rechts geweld is veel omvangrijker dan we denken en dat geldt dus ook voor de schade die erdoor wordt aangericht. Daarbij zijn het niet alleen de slachtoffers die gedupeerd worden, maar ook de samenleving als geheel” 1
Aldus de antropoloog en zelfbenoemd kenner van extreem-rechts, Dr. Jaap van Donselaar in zijn jaarlijkse rapportage in opdracht van de BVD. Deze monitor kwam eerder dit jaar uit en ondertussen hebben we bij alle Kristallnachtherdenkingen kunnen horen hoe “enorm” het aantal dreigementen en andere vormen van geestelijke terreur is toegenomen. We zouden bijna gaan denken dat we te maken hebben met de voorstadia van een nationalistische guerillaoorlog. Waar komen deze beweringen vandaan?
Ten eerste is de omschrijving van Van Donselaar van extreem-rechts geweld nogal breed. Alles van bekladding tot doodslag valt eronder, zolang het maar tegen allochtonen en autochtone “vijanden” is gericht. Dus het schrijven van een dreigbrief door twee 14-jarige gabbertjes die een verkeerde pil hebben geslikt komt op dezelfde stapel als een serieuse poging tot doodslag. Bovendien baseert Van Donselaar zich op zeer “betrouwbare” bronnen als het FOK, KAFKA, RADAR, CIDI (betaald door Israël), Meldpunt Discriminatie Internet (banden met Joodse maffia B’nai B’rith) en Stichting Magenta (is hetzelfde als MDI).
Hiermee is Van Donselaars onderzoek meteen onbruikbaar en aangezien we de “bezorgde” sprekers op 11 november in de kategorie fantasten en subsidiesmekers kunnen onderbrengen zou dit artikel als overbodig kunnen worden beschouwd. Toch willen we dit onderwerp serieus behandelen omdat de maatschappij steeds gewelddadiger wordt, niet in de laatste plaats onze tegenstanders, de staat, allochtone bendes en extreem-links.
Wat is hierop ons antwoord nu partijvorming steeds moeilijker wordt, ‘n nieuwe generatie nationaisten zich aandient en wapens van allerlei slag steeds makkelijker te koop zijn (zie recente alarmerende berichten over wapenhandelcentrum Amsterdam) en kennis over explosieven en andere illegale strijdmethoden voor iedereen met een internetaansluiting binnen handbereik is? (o.a. www.sabotage.org)
We geven eerst een overzicht hoe politiek geweld gebruikt kan worden en veelal door anderen gebruikt wordt. We geven een lang niet volledig overzicht van politiek geweld door rechts en links in binnen- en buitenland sinds de jaren ’60.
Geweld als pressiemiddel
Geweld als pressiemiddel komt erg vaak voor, soms op het oog niet direkt als pressiemiddel, maar wordt het wel degelijk als zodanig bedoeld. Voorbeelden hierbij zijn de militaire takken van de Ierse Sinn Fein (de Irish Republican Army of IRA) en het Baskische Herri Batasuna (de Euskadi Ta Askatasuna – Baskisch kortweg ETA). Wanneer vredesprocessen dreigen vast te lopen omdat de radikale partijen hoge eisen stellen wordt door hun gewapende afdeling plotseling een golf van geweld ontketend, niet met het doel veel slachtoffers te maken, maar meer om te laten zien dat men alom aanwezig is.
Met de IRA en de ETA hebben we eigenlijk meteen twee “revolutionaire” groepen genoemd die zich onderscheiden van de later genoemde anti-imperialistische groepen. De IRA en ETA noemen zich weliswaar Marxistisch-Leninistisch, of gewoon links, maar zijn in weze nationalistische groeperingen die zich beroepen op volks-solidaristische waarden. Hun “linkse” ideeën zijn gericht tegen de “fascistische” bezetter, herverdeling van land, macht aan de arbeiders, volksdemocratie, het zijn slechts maatregelen om de fysieke bezetting van hun “natie” ongedaan te maken. Met de omverwerping van het vijandelijke bestuur van het land heb je nog niet de ware macht in handen wanneer het grootste gedeelte van het grondgebied in private, bezettershanden is, dit geldt natuurlijk ook voor de fabrieken en het gehele (collaborerende) bestuur. Beide groeperingen zijn volks-socialistisch, in sommig opzicht zelfs nationaal-bolsjewistisch al zou Niekisch daar anders over denken. Iedere groepering die als belangrijkste streven het vrijmaken van haar eigen bevolking van de bezetter heeft is nationalistisch, hoe internationalistisch ze zich ook noemen. De wereldwijde bevrijding van het kapitalisme, de vestiging van een marxistisch-leninistische dictatuur van het proletariaat heeft zijn doelen voorbij de horizon van de volksbevrijdingsstrijd. Herri Batasuna maakt trouwens integraal deel uit van een Baskische coalitie met de naam “Nationalistisch Links”.
Bovenstaande argumenten maken ETA, IRA, maar ook de Corsicaanse, Bretoense en Welsche bevrijdingsbewegingen
(de laatste twee zijn sinds de jaren ’70 niet meer actief) succesvoller dan anderen als RAF, CCC etc. Volksrevolutionaire groeperingen kunnen beschikken over een grote achterban door hun afkomst en omdat zij tegen een duidelijke bezetter strijden. Echter als het geweld teveel tegen een “onzichtbare” vijand is gericht kan het zich ook tegen de groep richten, zie de bomaanslagen van de IRA op winkelcentra in Engelse steden waarbij onschuldige slachtoffers vielen en de liquidatie van gemeenteraadsleden van de Partido Popular (Conservatieven), weliswaar is het duidelijk dat dit “collaborateurs” zijn, maar het zijn Baskische burgers en dat is een heel verschil met Spaanse soldaten, rechters of andere “bezetters”.
Buiten gewapend geweld kunnen we bij Van Donselaar aansluiten met “vreedzaam” geweld, namelijk het laten ontsnappen van nertsen, het bekladden van engelstalige reclameuitingen of het dichtplakken van sloten van asielzoekerswoningen. Economische doelen kunnen heel goed hun uitwerking hebben, zie bijvoorbeeld ook de mediacampagne van Greenpeace tegen het afzinken van de Brent Spar of de Outspan-acties tegen Zuid-Afrika. Het lijken kleine pressieakties, maar ze dragen bij aan het grote doel, en met deze “publieksvriendelijke” akties poogt men weer nieuwe aktivisten te werven en niet-onbelangrijk, geld en goede publiciteit te behalen.
Geweld als doel
Het doel heiligt de middelen is een vaak gebruikt gezegde en vooral in de jaren ’60, ’70 tot in de beginjaren ’80 gold dat voor een hele reeks anti-imperialistische groepen als de Baader-Meinhoff (beter bekend als de Rote Armee Fraktion, RAF), de Italiaanse Brigate Rosse (Rode Brigades),het Japanse Rode Leger, het Franse Action Directe, Belgische Cellules Communistes Combattantes (Strijdende Communistische Cellen) en niet te vergeten RARA (Revolutionaire Anti Racistische Aktie), iets minder bloeddorstiog maar niet minder gewelddadig. De meeste van deze organisaties kwamen voort uit marxistisch-leninistische strukturen en waren het niet eens met de “zachte” lijn van de partij of organisatie waartoe ze behoorden (zie ook Geweld als laatste strohalm, uit onmacht). Vooral in de zeventiger jaren werd (West) Europa geteisterd door bankovervallen (als financiering voor latere operaties), gijzelingen, kapingen, brand- en bomaanslagen, moordpartijen en ontvoeringen. Terroristen, of vrijheidsstrijders zoals ze zichzelf noemden, werkten als uitzendkracht voor elkaars beweging, zo richtten Japanners van het Japanse Rode Leger een bloedbad aan op een Israëlisch vliegveld en trainde de Palestijnse PFLP (Volksfront voor de Bevrijding van Palestina) groepen uit diverse Europese en Afrikaanse landen in Libanon. Gezochte terroristen kregen onderdak in Arabische landen of achter het Ijzeren Gordijn en wapens werden over heel Europa buit gemaakt uit opslagplaatsen van leger en politie om dan weer op te duiken honderden, soms duizenden kilometers verwijderd bij een bloedige aktie.
Ondanks de honderden doden had geen van deze bewegingen succes. De verwachte opstand van de arbeidersvoorhoede, het proletariaat, bleef uit, sterker nog, het keerde zich tegen de “strijdende arbeiders”. De marxistische dogma’s bleken achterhaald, de arbeidersklasse bleek liever loonsverhogingen af te dwingen via stakingen dan met gevaar voor eigen leven de kapitalistische heerschappij omver te willen werpen. Bovendien was het arbeidersgehalte binnen de revolutionaire groepen bijzonder laag. Dat er tegenwoordig slechts sporadisch aanslagen van het soort dat de RAF gebruikte, worden gepleegd ligt zeker aan het feit dat sinds de jaren ’70 en ’80 er zoveel verandert is ten gunste van de opsporingsdiensten, met name op het gebied van afluisteren, volgen en detecteren, denk maar aan de steeds prominentere veiligheidskamera’s op straat, in winkels en openbare gebouwen, gekoppelde bestanden, satellieten die een nummerbord kunnen fotograferen, DNA en vooral de hebzucht van de mens. Iedereen is te koop voor de juiste prijs!
Geweld als laatste strohalm, uit onmacht
Dit is de fase waarin onsuccesvolle idealisten belanden als ze zich niet volledig aan “echte” criminele zaken hebben gewijd, of datgene wat desperate of gewoon domme eenlingen doen. Het plaatsen van ‘n spijkerbom in een café waar veel zwarten komen, de zelfmoordaktie zonder wezenlijk doel en dan bedoel ik niet de onbekende Palestijn één van hun belangrijkste martelaren, die met een vrachtwagen geladen met 8000 kilo springstof tegen de Amerikaanse marinierskazerne in Beiroet reed en in één klap 241 mariniers doodde, tijdens de grootste niet-nucleaire explosie sinds de Tweede Wereldoorlog. 2 Die man, die held, had een doel en hij verwezenlijkte hem, Amerika trok haar troepen terug uit Libanon.
Ik bedoel met “zinloos politiek geweld” bijvoorbeeld het neersteken van Kerwin Duinmeijer door een getraumatiseerde half-Joodse skinhead, of het in elkaar slaan van een Hindoestaan na een CP’86-congres in Rotterdam door enkele bezoekers en de massale vernielingen na de ontruiming van de Nijmeegse Piersonstraat en de WNC-ontruiming in Groningen. Dit is geen politiek geweld, dit is pure vernieling, mishandeling, gewoon zinloos geweld.
Politiek geweld in Nederland
Zoals de Duitse schrijver Heinrich Heine terecht opmerkte, in Nederland gebeurt alles 30 jaar later, zo ook politiek geweld. Terwijl Duitsland in een staat van permanente oorlog verkeerde vanwege Baader-Meinhof en de Revolutionaire Zellen was het in brand steken van de auto van de hoofdcommisaris van de Eindhovense politie door de Rode Jeugd zo’n beetje het ergste wat men hier meemaakte aan linkse bevrijdingsstrijd. Het echte politieke geweld kwam van nationalisten, maar geen blanken. Nederland kwam pas op de landkaart van landen waar terroristische akties worden gepleegd te staan met de akties van de Molukkers. De treinkaping bij De Punt en de gijzeling van een kleuterschool in Assen en natuurlijk de gijzeling van de Indonesische ambassade in Den Haag, het was wereldnieuws. Nog voor CNN haar staatsgecontroleerde uitzendingen had volgden mensen over de hele wereld de bevrijdingsstrijd van jonge Molukkers, die aangestoken door het revolutionaire elan in o.a. Palestina, Algerije en Zuid-Afrika de wapens opnamen. Iedereen kent de afloop, Nederland weigerde (echt) te onderhandelen, een aantal gijzelnemers werd doodgeschoten bij de bevrijdingsakties door het Nederlandse leger en de Marechaussee, de Molukse gemeenschap werd zoet gehouden met nieuwbouwhuizen in naargeestige wijken en het gesubsidieerde welzijnswerk deed de rest. Het duurde tot de jaren ’80 voordat er weer daadwerkelijke politieke aanslagen werden gepleegd, de anti-MAKRO-akties en later de RARA-bommen, een korte periode en naar Europese maatstaven redelijk ongevaarlijk.
En extreem-rechts dan?
Als we het hier over extreem-rechts hebben, spreken we over georganiseerde groepen. In de jaren ’80 werden er door militanten van het NJF (Nationaal Jeugdfront, de jongerenbeweging van de Nederlandse Volksunie) en het JFN (Jongeren Front Nederland) een aantal “gewelddadige” akties uitgevoerd, een “bomaanslag” op een PSP-kantoor in Tilburg, een massale vechtpartij in de Jazzbunker in Rotterdam, een “bomaanslag” op een theehuis in Schiedam en de diefstal van een aantal Uzi’s uit een kazerne door dienstplichtige nationalisten. Het betreft hier echter aktiviteiten van lokale groepen waarvan de leiding (zelfs van plaatselijke afdelingen) niet op de hoogte was. Binnen het JFN was onmiskenbaar een kleine gewelddadige groep aanwezig, maar het ging niet om een konstruktief samenwerkingsverband. De brandstichting bij een opvangcentrum voor Surinaamse drugsverslaafden die ex-CD raadslid Yge Graman gepleegd zou hebben willen we hier slechts zijdelings aanstippen, Graman staat ook bekend als iemand die het met de waarheid niet zo nauw neemt.
Ik wil hier dus duidelijk onderscheid maken tussen vooropgezette akties met een duidelijk doel door een daadwerkelijk centraal geleide organisatie en de hierboven genoemde feiten. Ook het veelal door Skinheads en Gabbers gepleegde geweld kan afgedaan worden als niet-politiek, alhoewel hun daden natuurlijk wel worden gezien als politiek geweld en de Centrumpartij ’86 werd gezien als een beweging die aanzette tot het plegen van criminele feiten en daarom ook verboden werd, overigens een uniek feit in een “demokratisch” land.
Geweld uit zelfverdediging
Waarschijnlijk de vorm van geweld die nationalisten het meest gebruiken en in de toekomst het meest zullen moeten gebruiken is zelfbescherming. Waarom valt dit onder geweld zul je misschien vragen? Waarschijnlijk omdat de Van Donselaars het nooit als zelfverdediging zullen beschouwen. Wat bedoelen we hiermee? Voornamelijk het instellen van beveiligingsgroepen rond (semi) openbare bijeenkomsten, inlichtingengroepen tegen extreem-links en voorbereiding op geweld van de tegenstander. Met voorbereiding bedoel ik hier vechtsportoefening, eigenlijk lichamelijke oefening in het algemeen, schietoefening, beveiligingsmethoden en vooral gezond verstand. Doe dit zoveel mogelijk legaal, bijvoorbeeld bij een schietklub, let wel op met wat voor lieden je daar te maken hebt!, teken vrijwillig in het leger (zie artikel Leve het leger op blz 8 & 9), zoek informatie op internet, zet een cellenstructuur op als waarschuwingssysteem en zorg in ieder geval voor een “stok” achter de deur. Wees voorzichtig met informatie, ook binnen je partij of organisatie, je vriendenkring of familie en leer van de fouten die anderen maakten. Pas op voor infiltranten en intriganten binnen de beweging, overigens zonder dat dit tot paranoïde situaties leidt. Neem je eigen woonomgeving goed onder de loep.
Conclusies
* In een dichtbevolkt, hoogontwikkeld land als Nederland met zijn kruideniersmentaliteit van handelaren en gehersenspoelde schapen is stadsguerilla onmogelijk. Er zal nooit een meerderheid of zelfs maar een redelijke achterban ontstaan die hulp kan bieden aan ondergronds gewapend verzet.
* De mogelijkheden om in het geheim te werken zijn ook erg klein. Vooral nationalisten met een beetje initiatief zijn binnen de kortste keren bekend bij politie en justitie, daarvoor zijn er te weinig en zullen ze altijd met hun kop boven het maaiveld uitsteken.
* Geweld keert zich altijd tegen een kleine groep zonder landelijk persapparaat, goede financiële en juridische steun en zonder daadwerkelijke landelijke leiding, wij dus.
* Geweld is wel het enige dat AFA en co begrijpen en waar ze van terugschrikken, zie de Grijze Wolven. Jarenlang richten ze hun pijlen al op deze Turkse nationalisten, maar een bijeenkomst verstoren durven ze niet, bang als ze zijn voor represailles.
* We moeten nooit de eerste zijn die geweld gebruiken, maar wel alvast “klaar zijn” voor het geval het nodig mocht zijn.
NBRK
Noten:
1 Jaap van Donselaar, Monitor Racisme en Extreem-Rechts, Leiden 2000
2 Hala Jaber, Hezbollah, Utrecht 1997 blz. 80
|
| |