|
Ziet Jeroen door de bomen het Bosch niet meer?
Jeroen Bosch, medewerker van het solidariteitskomitee Esteban Murillo en AFA-leider, heeft de laatste maand nogal wat kritiek te verduren gehad vanuit (extreem)linkse hoek vanwege zijn pleidooi voor zogenaamd ‘links-nationalisme’.(*) Het is prijzenswaardig, dat Jeroen het nationalisme binnen de bekrompen geworden linkse beweging verdedigt, maar er zitten toch wat haken en ogen aan zijn betoog. Wat is namelijk het verschil tussen ‘links’ en ‘rechts’ nationalisme, en wat misschien wel belangrijker is: wat is het verschil tussen volksnationalisme en anarcho-syndicalisme?
Het eerste punt van discussie is misschien wel het meest pikante: wat is links en rechts. Jeroen beweert namelijk, dat de Baskische nationalistische beweging ‘links’ werd met het aansluiten van o.a. vrouwengroepen, vakbonden en milieuorganisaties, met andere woorden door de verbreding van het nationalistische streven op het maatschappelijk vlak. Is dat typisch links? Nee, want vrouwenemancipatie werd geïnitieerd door het liberalistisch streven van vrouwen naar medezeggenschap in het openbaar bestuur, de vakbonden behoren vervolgens weer tot de sociale beweging die streeft naar de emancipatie van de arbeiders, en milieuorganisaties vinden hun oorsprong in het conservatieve streven om de ongerepte natuur te behouden. Bovendien is het gegeven, dat een beweging onderdrukt zou worden, ook geen geschikt criterium voor het wel of niet ‘links’ zijn, zogenaamde ‘rechtse’ bewegingen worden immers ook onderdrukt! ‘Links’ en ‘rechts’ zijn dan ook benoemingen voor parlementaire partijen of groepering, omdat ze de desbetreffende positie aangeven binnen het parlement en dus ook nog eens geen recht doen aan hun daadwerkelijke ideologische grondslag.
Toch slaat Jeroen natuurlijk niet helemaal de plank mis. Er bestaat wel degelijk een verschil tussen progressief en conservatief, want het verschil is namelijk, dat progressieve bewegingen streven naar verandering door de vernietiging (van wat zij slecht vinden), terwijl conservatieve bewegingen streven naar verandering om de goede dingen in een samenleving te kunnen behouden en laten overheersen. Het anarchisme is vanuit dit oogpunt de meest radicale progressieve beweging, die er is, omdat zij streeft naar de algehele en wereldwijde omverwerping van de maatschappij. Het probleem met anarchisten is dat zij zich helemaal afkeren van, en zich plaatsen buiten die maatschappij door hun vijandige verhouding met die maatschappij. Hierdoor ontstaat een verwrongen vijandig beeld van de maatschappij, maar soms kan men toch goede elementen ontdekken in de maatschappij, die goed kunnen zijn voor (het streven naar) de toekomstige modelmaatschappij. Jeroen probeert dan ook - weliswaar op een voorzichtige manier - de positieve werking van nationalisme te benadrukken tegenover zijn sceptische kameraden. Hij slaagt er echter niet om een steekhoudende definitie te geven voor nationalisme, omdat hij alleen het underdog-effekt van de Baskische beweging vanaf Franco tot heden de doorslag laat geven.
Jeroen en zijn medestrijder/schrijver Stan Vermeer zijn dan ook niet echt consistent in hun opstelling tegenover het Baskische streven naar onafhankelijkheid en nationalisme in het algemeen. Laten we eerst beginnen met kijken, wat Jeroen en Stan onder het begrip nationalisme verstaan: “Nationalisme is volgens ons niets anders dan het opeisen van bepaalde rechten uit naam van een volk” Ze hebben hiermee het begrip nationalisme kernachtig maar correct weergegeven, maar in de volgende zin al blijkt dat ze het spoor volledig bijster zijn, want ze zeggen dan namelijk: “Dit leidt er vaak toe, dat nationalisten een volk als een eenheid willen zien, wat weer leidt tot bovengenoemde racisme en onderdrukking.” Eerst mag men in naam van een volk wel bepaalde rechten opeisen, maar vervolgens mag men geen volk meer zijn en dus ook niet gebruik maken van die verworven rechten!? Hoe kan men rechten voor een volk opeisen, als een volk niet eens een sociale, kulturele en etnische samenhang mag hebben of zelfs niet daarnaar mag streven???
Nationalisme is namelijk het opeisen en hoeden van de collectieve rechten van een volk, zodat een volk haar sociale(, economische), kulturele en etnische eenheid en samenhang kan blijven behouden door het inrichten van een publieke sfeer (binnen een territorium), waar het volk haar eigenheid ten volle kan ontplooien. Een volk mogen we dan niet als eenheid zien, maar toch kan de betekenis van volk en kultuur niet helemaal weggeredeneerd worden volgens Jeroen en Stan. Maar hoe zien de beide heren dan de concepten ‘volk’ en ‘kultuur’?? Ze geven zelf aan, dat onderdrukking de belangrijkste drijfveer is voor
de erkenning ervan. Dus volkeren (en mensen?) hebben dus alleen rechten als ze zichtbaar worden bedreigd of onderdrukt, maar niet als bestaand gegeven! Een beetje raar hoor. Maar het meest trieste gegeven is echter, dat de manier waarop mensen wereldwijd sinds mensenheugenis collectief betekenis en richting geven aan hun bestaan, niet wordt begrepen door Jeroen en Stan! Het hoofd van de AFA snapt met andere woorden niet, wat nationalisten nu precies drijft!!!
Is nationalisme per definitie haatdragend? Is het omverwerpen van een samenleving, waar je zelf buiten staat, haatdragend? Een goed voorbeeld van hedendaags haatdragend nationalisme is namelijk het anti-Afrikaner Bantoe-nationalisme van het ANC, dat traditioneel door links gesteund wordt! Het is ook een goed voorbeeld, waarin de onderdrukte zelf onderdrukker wordt en hoe gaat ‘links’ dan hier mee om!? Ook het anarchisme heeft geleid tot bloedige excessen, zoals de bomaanslagen tegen onschuldige burgers aan het einde van de 19de eeuw. De hamvraag is echter of je iets moet verwerpen, omdat de kans aanwezig is, dat het kan leiden tot excessen. Dat is namelijk ook de vraag, die Jeroen en Stan zich terecht stellen in hun artikel. Zijn de nationalistische symbolen, zoals de (nationale) vlag en het volkslied, dus per definitie verwerpelijk, zoals Stan en Jeroen zich afvragen? Wat betreft de vlag: symbolen worden toch al gebruikt naar gelang het de betreffende mensen uitkomt? Wat betreft kolonialisme: is een volk als geheel verantwoordelijk voor wat enkele mensen overzee zonder medeweten en instemming van het volk uitspoken? Wat betreft het volkslied: welk lied is het ‘echte’ volkslied van Baskenland? Het Wilhelmus is immers oorspronkelijk ook één van de strijdliederen van de onderdrukte Nederlanders! Je kunt echter alleen het goede laten overwinnen door af te rekenen met het slechte, wat met andere woorden betekent dat nationalisme en anarchisme zichzelf kunnen zuiveren van een kwaadaardige episode uit de geschiedenis door rekenschap te geven van hun tekortkomingen. Denkbeelden zijn namelijk ontsproten aan de menselijke geest en zijn daarom onderhevig aan hetzelfde dualisme (innerlijke verbondenheid van positieve en negatieve krachten) als dat van de mens.
Een volk is niet een schepping van de staat, maar een historisch gegroeid geheel, dat door sociale, kulturele en etnische banden bijeen wordt gehouden. Een volk is dan ook niet een toevallige verzameling mensen, die toevallig in hetzelfde gebied wonen, zoals Jeroen en Stan beweren. Juist het feit, dat een groep mensen zichzelf als volk of als een deel van het volk (zoals de Vlamingen) ziet zonder staatspropaganda, is een weerlegging van hun bewering, dat een volk gedwongen wordt om zichzelf te definiëren als een volk. Bepaalde groepen mensen laten door de hele geschiedenis heen zien zelfstandig tot een volk (met behulp van interne en externe factoren) te verworden en daar ook bewust voor te kiezen in tijden van economische en militaire nood onder het solidaire principe, dat mensen samen sterker staan! Evenals andere geledingen van de menselijke samenlevingsvormen staat het lidmaatschap van een volk niet of slechts in heel beperkte mate open voor buitenstaanders, omdat geledingen altijd ontstaan uit een vorm van eigenwaarde en onafhankelijkheid ten opzichte van de ander. Je lot enerzijds verbinden aan en anderzijds delen met de groep is de essentie van het geheel, omdat het de grondgedachten zijn van respectievelijk de opbrengstdeling binnen de groep en het verantwoordelijkheidsbesef voor de groep.
Mensen vanuit verschillende achtergronden kunnen weliswaar elkaar wel degelijk tegemoet treden en samenwerken, maar dat kan pas op een waarlijk gelijkwaardige manier door hun zelfstandigheid en eigenheid, die ze vanuit hun eigen collectief hebben opgebouwd en koesteren. Links redeneert meestal vanuit het concept van de gemene deler (i.e. gelijkheid) om mensen te harmoniseren, waarbij tegenwoordig de nadruk ligt op het mens zijn (met mensenrechten als representatief exponent). Maar het mens zijn kan enerzijds een bindmiddel, maar anderzijds ook een afstotingsmiddel zijn, omdat mensen elkaars lotgenoten en tegelijkertijd elkaars tegenvoeters zijn op allerlei vlakken. Juist het scheppen van ruimtes, waar mensen als een afgebakende (volks)gemeenschap zichzelf kunnen zijn en binnen een collectief kunnen functioneren, schakelt de noodzaak om elkaar naar het leven te staan uit of dempt die op z’n minst. Afijn, het concept ‘volk’ is dus onderhevig aan (ongeschreven) ijkpunten, die een volk bepalen, en één van die criteria is het exclusieve karakter van het lidmaatschap van een volk en dus ook het Baskische volk. Door de ruime opvatting van het Bask zijn, en de vervaging en het oprekken van die grenzen zijn, verdwijnt het Baskische volk, omdat er steeds meer zogenaamde grensgevallen komen, waardoor de kern op een gegeven moment zich ook niet meer raad weet met de situatie van vervreemding en het concept volk opgeeft… Je kunt een volk niet uitroepen, want een volk ontstaat in de loop van de tijd en ontwikkelt zich, waardoor het tot wasdom kan komen, en ten onder kan gaan. Een concept als volk is dus enerzijds een dagelijkse werkelijkheid door het bestaan van een volksgemeenschap in al haar aspecten, maar anderzijds iets vluchtigs, omdat volkeren hun eigenheid op allerlei wijzen kunnen verliezen. Bovendien zijn de zogenaamde ‘linkse waarborgen’, zoals een zogenaamd pluralisme dus eerder schadelijk dan heilzaam voor het Baskische volk, omdat dan de eigenheid van de Basken dreigt te vervluchtigen door het verlies van het gebied en de publieke sfeer, waar de Basken kunnen gedijen. Ik vraag me zelfs af, wat die zogenaamde ‘linkse waarborgen’ überhaupt inhouden en waar ze nog meer op van toepassing zijn. Is het kapitalisme ook opeens ‘goed’ als het wordt begrensd door ‘linkse waarborgen’!? Wat een giller!
Het bestrijden van onrecht moet vanuit het volk gebeuren door mensen, die verantwoordelijkheid durven te dragen en midden in de samenleving staan en niet door een marginaal groepje renegaten, dat zichzelf juist buiten die samenleving plaatst. Juist het gegeven, dat je betrokken bent met het wel en wee van de omgeving waarin je leeft, is de voorwaarde voor een gezonde menselijke samenleving, met andere woorden een solide en sociale samenleving, die zichzelf in stand houdt. Links laat zich echter liever inpakken door de kant-en-klare moraal van de liberale bourgeoisie, wat betreft het opkomen voor de mensenrechten. Door hun voortdurende strijd tegen ‘extreem-rechts’ speelt links de bourgeoisie in de kaart, doordat ze de moraal van de heersende klasse versterken en hun inspanningen verspillen aan het bestrijden van de vijand van de vijand! Hierdoor vergeet links wel eens wie de werkelijke vijand is, namelijk het mondiale kapitalisme. Links werkt zelfs het kapitalisme - zowel hier als in elders in de wereld - in de hand door hun pleidooi voor vrije massale migratie, omdat de kapitalistische economie zo wordt geolied door de constante toevloed van (goedkope) arbeid en steeds meer mensen afhankelijk worden van geldloon in plaats van elkaar. Links prefereert hiermee duidelijk de wereldwijde bourgeois-moraal boven de samenhang van de lokale volksgemeenschap om zich hiermee op een krampachtige wijze af te zetten tegen vermeende ‘rechtse’ invloeden.
Het (volks)nationalistisch ideaal laat zich echter niet beperken door bekrompen politieke links-rechts-schema’s. Jeroen Bosch en Stan Vermeer zullen zich dan ook moeten gaan afvragen, wat nationalisme precies inhoudt. Afgezien van hun simplistische redeneringen, die voortkomen uit de duizelingen van het staren naar de eigen anarchistische navel, komt er namelijk geen concrete of samenhangende definitie van ‘nationalisme’ uit de bus in het artikel van Stan en Jeroen. Jeroen beseft hierdoor (ook) niet, dat het nationalisme zich in de loop van de geschiedenis ontwikkelt. In een discussie over nationalisme binnen de linkse beweging het opnemen voor het nationalisme mag dan als bewonderenswaardig gelden, dan moet je wel weten waarover je het hebt. Dat is namelijk noodzakelijk om een fundamentele discussie te voeren, waarin het gaat om duidelijke stellingnames en inhoudelijke argumenten. Stan en Jeroen weten zich echter niet goed raad met de kritiek en draaien om de hete brei heen door geen steekhoudende definitie te geven van nationalisme, en verdedigen zich achter de veilige en typische ‘linkse’ stellingnames. Hiermee is de fundamentele discussie over nationalisme binnen de linkse beweging niet gediend, terwijl zo’n discussie hoogst interessant kan zijn. In een dergelijke discussie zou namelijk kunnen blijken, dat ‘links’ en ‘rechts’ helemaal niet zo ver van elkaar blijken te liggen als de zedenprekers en moraalridders van de linksradikale beweging ons willen doen geloven. Misschien zouden ze wel eens tot de conclusie kunnen komen, dat volksnationalisten en anarchisten dezelfde politieke tegenstander hebben. Maar zolang mensen als Jeroen Bosch en Stan Vermeer zich politiek verblinden door navelstaren en zich geen raad weten met nationalistisch streven, zullen we uit linksradikale hoek geen serieuze discussie over nationalisme hoeven te verwachten, laat staan een gedegen antwoord op de mondiaal kapitalistische orde.
Ko de Boschwachter (A3/WM2)
Autonome Anti-Antifa / West-Midden 2
(*) Reactie door Solidariteitskomitee Esteban Murillo te vinden op www.stelling.nl/konfrontatie zoek bij “nationalisme”
|
| |